Paarse voortanden, sur-lie rijping en zelfs Orange Wine: onze wijntrip door het Loiredal

Het lange Hemelvaartweekend van 2024 grepen wij aan om een wijntrip naar de Loire te maken! Juist omdat het net even iets verder rijden is dan bijvoorbeeld de Champagne, Moezel of Ahr, wilden we hier echt even de tijd voor nemen. Gewapend met het WSET-3 studieboek op de achterbank, hoopten we dat we de vele lesstof – in ieder geval over de Loire – goed konden consolideren.

En route!

In een dikke 8 uur rij je vanaf ‘s-Hertogenbosch naar het Loiredal, vooral afhankelijk van het verkeer want je moet zowel Antwerpen als Parijs zien te overleven. Wij vertrokken erg vroeg en reden ook stug door want wij hadden onze zinnen gezet op een lunch in het dorpje Saumur! Dit keer geen charmante tussenstops, maar een bakkie en een broodje bij een tankstation onderweg.

Het wijngebied

Het Loiredal kan je grofweg opdelen in vier subgebieden. Van oost naar west zijn dat Centre (waar de bekende appellations Sancerre en Pouilly-Fumé in liggen), Touraine, Anjou-Saumur en Nantais. Hoewel de Loire de langste rivier is van Frankrijk, liggen de belangrijkste wijngaarden van het Loiredal echter alleen langs de laatste paar honderd kilometer van de rivier, namelijk daar waar hij naar het westen stroomt richting de Atlantische Oceaan.

Een paar honderd kilometer aan wijngaarden doe je niet zomaar in een lang weekend. Wij focusten ons daarom tijdens deze trip op het oostelijke deel van Anjou-Saumur, Touraine en Centre.

Het leuke aan het Loiredal is dat er niet één specifieke wijnstijl wordt gemaakt, maar een ongelooflijk diverse reeks aan witte, rode en rosé wijnen. De verschillende subgebieden in de Loire zijn onderhevig aan verschillende klimatologische invloeden; over het algemeen heerst er een koel klimaat maar Centre heeft een continentaal klimaat omdat het wat meer landinwaarts ligt en het er dus warmer is , en Nantais – aan de kust – een maritiem klimaat.

De grootste uitdaging voor de wijnmakers in de Loire is de regenval. Vooral schimmelziekten als gevolg hiervan kunnen een probleem zijn. Wij hadden geluk, de dagen dat wij er waren was het fantastisch weer maar daarvoor had het flink geregend. Ook de dagen na onze trip zou het weer flink losbarsten! De waterstand van de rivier was erg hoog, sommige wijngaarden stonden zelfs blank.

Extra educatief intermezzo

Voordat we verder vertellen over onze wijnavonturen, starten we even met een kleine uitstap naar iets wat je veel zult lezen in dit blog en waar wij mega fan van zijn, namelijk sur-lie rijping. Wat is dat precies?

Dit is een van de keuzes die een wijnmaker maakt, om een witte wijn in een bepaalde stijl te produceren. Lie betekent letterlijk ‘droesem’, drab dat achterblijft na fermentatie en bestaat uit (dode)gisten en andere deeltjes die neerslaan na gisting. Sur-lie (op de lie) is dan het laten rijpen van de wijn op haar droesem en dode gistcellen. Na de alcoholische vergisting wordt de wijn die is uitgegist nog niet gefilterd maar blijft deze een aantal maanden doorrijpen op deze droesem in een houten vat of een rvs tank. Dit resulteert in een vollere, rijpe en complexere wijn met smaken van brood, brioche en soms wat noten.

Bij het maken van mousserende wijn volgens de méthode traditionelle speelt lie ook een rol. Champagne, maar ook Crémant de Loire worden volgens deze methode gemaakt. Na de eerste vergisting op rvs tanks of houten vaten, worden de wijnen gebotteld en vindt er vervolgens een tweede vergisting op fles plaats, waarna een proces van afbraak van dode gistcellen in de fles start. De wijnen worden ‘sur lattes’ op de dode gistcellen gerijpt, om ook weer de vollere en rijpere stijl en smaken van brood, brioche en noten te ontwikkelen.

Anjou-Saumur

Dit stuk van het Loiredal staat vooral bekend om Crémant de Loire, een mousserende wijn gemaakt volgens de méthode traditionelle. Chenin blanc is de belangrijkste druif in dit gebied. Het bijzondere aan deze druif is dat binnen één tros verschillende niveaus van rijpheid bereikt worden, wat kan leiden tot onrijpe aroma’s in de wijn als je niet oplet. Daarom duiken de wijnboeren tijdens de oogst meerdere keren de wijngaard in zodat alle druiven op het gewenste niveau van rijpheid geplukt worden. In ieder geval voor de ‘stille wijnen’ die hiervan gemaakt worden, want de druiven die maar net rijp zijn, worden juist gebruikt voor mousserende wijnen vanwege de frisse zuren en het lage alcoholgehalte.

Saumur

Daar waar je wel vaker begint met een bubbeltje, startten ook wij onze wijntrip geheel volgens deze etiquette in hét gebied van de Loire bubbel. We kwamen rond (Franse) lunchtijd aan in Saumur, waar we onze zinnen gezet hadden op een lunch bij Le Terrier du Château. Deze was helaas ‘complet’, kregen we te horen. Iets wat ons tijdens deze trip niet nog eens overkwam, omdat we de rest van onze lunch- en dinerplannen van te voren hadden gereserveerd.

Nadat we Château de Saumur op de kiek hadden gezet, reden we door naar het centrum van het dorpje en kwamen we uit bij wijnbar VinoValley waar ze ontzettend veel wijnen uit de omgeving per glas serveren, vergezeld met heerlijke borrelplanken (oftewel: lunch). Wij gingen voor een Chenin Blanc uit de Anjou van Domaine Bablut: wát een aftrap! Daar ging gelijk een flesje van mee naar huis, de eerste aankoop was een feit!

Daarna was het tijd om te proeven! We startten onze proeverij bij Langlois, waar ze voortreffelijke Crémant de Loire maken. De absolute winnaar van de proeverij was de Quadrille, een blend van cabernet franc, pinot noir, chardonnay en chenin Blanc. Met vier jaar rijping op de lie (gist) is het een prachtige, complexe crémant met tonen van brioche, noten en gedroogd fruit. Bij Domaine Langlois hebben ze overigens zelfs een wijnschool, daar zouden wij wel eens een lesje willen volgen!

Even verderop vonden we Caves Ackerman. Dit is geen authentiek wijndomein gerund door een familie, maar een soort wijnconglomeraat met verschillende eigenaars uit de Loire. In hun “maison” presenteren ze dan ook een breed scala aan wijnen en wijnmakers en kun je er een rondleiding doen door de wijnkelders.

Gezien wij helaas niet in de Nantais kwamen deze trip, bood dit een uitgelezen kans om wel de signatuurwijn uit die regio – namelijk de melon de bourgogne (muscadet) – te proeven. Wij proefden twee wijnen van Château Cassemichère, een Muscadet Sèvre et Maine en de specialiteit van het gebied, namelijk de muscadet Sèvre et Maine Sur Lie. Dit is een wijn die in het jaar volgend op de oogst pas wordt gebotteld, nadat het al die tijd op de lie heeft gerijpt. En daar houden we van!

Accomodatie

Na een dag vol heerlijke proeverijen streken we neer in onze Chambre d’hôte Domaine de Givré, een geheel gerenoveerd 15e eeuws domein in Cravant, een dorpje dat naast de bekende oude wijnstad Chinon ligt. De Chambre d’hôte is ontzettend charmant en het onbijt is waanzinnig lekker! Wij hebben heimwee naar dit ultieme Franse vakantiegevoel!

Na heerlijk te hebben gerelaxed aan het zwembad, hebben we ons klaargemaakt voor een culinaire avond bij restaurant Les Jardiniers in Ligré, gerund door chef Martin Bolaers. Het is een kleinschalig restaurant met 30 zitplaatsen en een lokaal en seizoensgebonden kaart met ingrediënten uit de 5000 vierkante meter moestuin die op agro-ecologische wijze wordt bewerkt, en wijnen die bio-dynamisch gevinifieerd zijn.

Bij het voorgerecht dronken we een blanc de franc, een witte wijn gemaakt van cabernet franc van Domaine Couly-Dutheil; wat een gave ontdekking was dat! En hij paste perfect bij het heerlijke gerecht met enkel groenten die diezelfde ochtend vers uit de moestuin waren geplukt.

Touraine

Cabernet franc

Daar waar de eerste dag in het teken stond van crémant in Saumur, stortten wij ons op dag twee op het belangrijkste blauwe druivenras in de Loire: de cabernet franc. In Touraine wordt deze druif geteeld in Chinon en Bourgueil. Cabernet franc wordt in uiteenlopende stijlen gemaakt. De lichte, fruitige en jong te drinken wijnen komen doorgaans van de zanderige bodems, terwijl de vollere versies met meer tannines van de klei- en kalksteenbodems komen, op de zuidelijke hellingen waar de druiven veel zonlicht krijgen.

Wij kenden de cabernet franc wijnen toe nu toe vooral van de straffe tannines en de paarse voortanden. Bedenk je ook wel dat dit vaak eetwijnen zijn, wat het proeven soms wat moeilijker maakt omdat het een beroep doet op je wijn-spijs voorstellingsvermogen. Tannines worden bijvoorbeeld zachter door de eiwitten die in een stukje vlees zitten, wat je bij zo’n wijn goed kan eten.

Wij besloten ons te laten verrassen, en gingen op zoek naar de mooiste cabernet franc wijnen, met houtrijping en de potentie om nog even te rijpen op fles in onze wijnkelder.

Omdat wij zo enthousiast waren over de blanc de franc van Domaine Couly-Dutheil, besloten we om bij ze langs te gaan om te zien of ze nog meer pareltjes hadden. En of ze dat hadden. Wij kochten onder andere de La Baronnie Madeleine uit 2018, vernoemd naar de oma van de wijnmaker. Een rijke en elegante rode wijn van cabernet franc. De trots van dit wijnhuis is de ommuurde wijngaard gelegen tegenover het middeleeuwse kasteel van Chinon, een van de oudste wijngaarden. Wij namen zo’n krachtige, pittige cabernet franc ‘Clos de l’echo’ mee naar huis, om deze vooral nog even een aantal jaartjes te laten liggen.

We gingen ook nog even langs bij Béatrice et Pascal Lambert, waar we veel leerden over de verschillende bodemsoorten in de Loire en de effecten daarvan op de wijn. Ook vonden we er een Orange Wine, wat zeldzaam is in deze regio (en überhaupt in Frankrijk), die uiteraard mee naar huis is gegaan!

Vanuit Chinon vertrokken we richting Tours en pakten we onderweg nog het charmante kasteel Château de l’Islette mee. Veel lokale Fransen komen hier in het weekend in de kasteeltuinen picknicken.

Tours

Vervolgens kwamen we aan in Tours, en wat een gezellige stad is dat! We slenterden door de straatjes en genoten van een geweldige lunch bij Chez Madie aan het Place Plumereau. Dit is een heel gezellig plein, in het centrum van het historische deel van Tours. Het plein is omringd met vakwerkhuizen uit de 15e eeuw, welke na de Tweede Wereldoorlog gerenoveerd zijn.

Vouvray

De volgende stop was Vouvray, bekend om zijn unieke en elegante witte wijnen gemaakt van chenin blanc. We deden hier enkele wijnhuizen aan met bijbehorende ‘cave experience’.

Eerste stop was bij Domaine Huet, een iconisch domein in de Loire omdat het een van de voorlopers van de biodynamische wijnbouw in de regio is. Het domein bezit 30 hectare chenin blanc, verdeeld over 3 wijngaarden: Le Haut-Lieu, Le Mont en Le Clos du Bourg. Tijdens de oogst worden in verschillende fases de rijpe druiven apart weggeknipt, wat verschillende wijntypen oplevert. Bij iedere oogst bekijken ze per perceel of ze een sec (droog), demi-sec (halfdroog) of moelleux (zoet) maken.

Bij Domaine Huet hadden ze ‘open huis’, en mocht je met je wijnglas zelf langs de verschillende karaffen wijn en bijbehorende informatiebordjes lopen. Ook leerden we meer over de verschillende bodemsoorten. Dit was een erg gezellig concept!

We reden door naar Maison Marc Brédif, waar we de full experience kregen te beginnen met de prachtige ‘wine flight’ om te proeven, waarbij de Réserve Privé 2018 mee naar huis ging. Een prachtige chenin blanc met bloemige en fruitige tonen, en hints van brioche en noten (hallo lie!).

Daarna doken we de kelders in, waar we ons waanden tussen eikenhouten vaten, hele oude (privé) wijncollecties en pupitres waarmee handmatig de remuage – het draaien van de flessen waardoor de gist naar de hals trekt om vervolgens verwijdert te kunnen worden – wordt verricht bij het maken van de Crémant de Loire.

’s Avonds trakteerden we onszelf op een diner bij Fontevraud, een restaurant met één Michelinster, gevestigd in een van de grootste kloostercomplexen van Europa. De voormalige kloostergangen zijn omgevormd tot restaurant waarbij ze het monastiek minimalisme hebben gecombineerd met warmere (onbehandelde) houten elementen. Hoewel wij eerst dachten een universiteitsbibliotheek binnen te lopen, waren we al snel heel erg content met ons privéhoekje uitkijkend op een binnentuin (mét pianokunst) en genoten we van waanzinnige wijn-spijs combinaties.

Ook bij dit restaurant nemen biodynamische landbouw en lokale producten een centrale plek in op het menu, welke geïnspireerd is op de maan en haar ritmes. Na elke volle maan, verandert het zogenaamde ‘Maanmenu’. Je hebt de keuze om het menu uit te breiden met de ‘favoriet van de kok’, een heuse smaakexplosie op basis van Parijse champignons, en een kaasplank. Wij besloten ervoor te gaan, maar aan het eind van de avond bleek wel dat onze ogen groter waren dan onze maag en keerden we met ons buikje (nogal) rond weer terug naar de Chambre d’hote.

Centre

Bourges

De volgende dag namen we afscheid van Domaine de Givré en gingen we op pad naar Bourges, Sancerre en Pouilly om ons te storen op de sauvignon blanc. In Bourges bezochten we de kathedraal, bewonderden we de bloeiende rozen in het naastgelegen Jardin de l’Archêveché en de vakwerkhuizen in de Rue Bourbonneaux. We lunchten we bij het erg instagrammable rooftop l’incontournable, waar ons vooral het hysterische toilet erg is bijgebleven.

Sancerre

Na Bourges reden we via een stukje van de Routes des Vignobles du Coeur de France, een hele mond vol, richting het dorpje Sancerre. Dit is een van de meest prestigieuze appelations voor wijnen van de sauvignon blanc druif.

Sancerre kent drie bodemsoorten: Terres Blanches (krijt), Les Caillottes (een grindachtige kalksteensoort) en Silex (vuursteen). Gezien het feit dat er maar twee druiven in deze streek gebruikt worden, namelijk Sauvignon Blanc en Pinot Noir, is de bodemsoort een belangrijke factor in de stijl van de wijnen hier. Terre Blanches geeft volle en complexe wijnen, Les Caillottes juist lichtere fruitige wijnen, en Silex geeft kruidige en mineralige wijnen. Uiteraard worden er ook fantastische blends gemaakt!

De sauvignon blanc wijnen uit de Sancerre zijn doorgaans frisse droge wijnen, met hoge zuren en tonen van groene appel en natte steen en zijn niet bedoeld om te rijpen. De gemeente Chavignol en de wijngaarden van Les Monts Damnés (beide in Sancerre) daarentegen hebben een flinke reputatie opgebouwd voor wat meer expressievere wijnen. Sommige van deze wijnen hebben de potentie om zich te ontwikkelen op fles (flesrijping).

Onderweg stopten we bij een aantal uitkijkpunten om foto’s te maken. Het mooiste uitkijkpunt is wat ons betreft Point de vue Amigny. Vanaf hier heb je namelijk een waanzinnig uitzicht op Sancerre en de omliggende wijngaarden. Vanaf uitkijkpunt Belvédère sur Sancerre heb je prachtig uitzicht op de wijngaard Les Monts Damnés.

Na deze prachtige route door de wijngaarden was het tijd voor wat ‘dégustations’ in de omgeving van Sancerre. Wij wilden heel graag de verschillende wijnen van de verschillende bodemsoorten proeven, en ook de wijnen met potentie tot verdere rijping op fles.

We brachten een bezoek aan domaine Firmin Dezat. De familie Dezat is een van de oudste wijnbouwfamilies in de Sancerre. Tegenwoordig is de 18e generatie aan zet op de 23 hectare sauvignon blanc en pinot noir wijngaarden die het wijnhuis bezit. Firmin Dezat stelt zich meer op als een gids dan als een wijnmaker, hij gelooft dat de bodem de wijnen hun identiteit geeft en dat de wijnstokken en de telers er zijn om de natuur eenvoudigweg te begeleiden bij de ontwikkeling van het karakter van de wijn.

Vervolgens gingen we naar Domaine Hippolyte Reverdy, waar ze heel overzichtelijk één witte, één rosé en één rode Sancerre maken. En wat ze doen, doen ze waanzinnig goed want het zijn alledrie geweldige wijnen! Het domein telt 14 hectare wijnbouw, waarvan 11 hectare sauvignon blanc en 4 hectare pinot noir.

We sloten de dag af in het kleine, maar sfeervolle dorpje Sancerre, met al z’n wijnwinkeltjes en delicatessenzaakjes. En dus besloten we om gewoon nóg een proeverij te doen, om het af te leren (voor die dag dan). We gingen langs bij Domaine Fouassier waar we een hele reeks wijnen proefden, inclusief een heerlijke Orange Wine gemaakt van sauvignon blanc waarvan de maceratie en rijping plaatsvindt in amforakruiken.

Ook doken we nog even de boutique in van Joseph Mellot. Naast hun eigen wijnen, presenteren ze hier ook wijnen van andere wijnhuizen waarvan zij eigenaar zijn, zoals Domaine Jean-Michel Sorbe.

‘s-Avonds dineerden we bij restaurant La Tour aan het centrale pleintje in Sancerre, waar je je waant in een elegante en eigentijdse woonkamer en waar ze veel lokale wijnen serveren bij hun menu.

Naast verschillende Sancerre wijnen, dronken wij hier ook de waanzinnige ‘Coeur Vaillaint’ sauvignon blanc van Caroline Bain, een wijnmaakster die het besloot anders te doen en dit is haar eerste cuvée. Ze bewerkt haar 2,5 hectare wijngaarden in Tracy-sur-Loire volgens strikte biodynamische principes en past geen interventies toe in de wijnkelder. Ze brengt haar wijn uit onder het label VDF (Vin de France) wat haar meer vrijheid geeft in het wijnmaakproces. Het resultaat? Een heerlijke rijpe, volle en mineralige wijn! Een totaal andere stijl die je doorgaans verwacht van een sauvignon blanc uit deze regio.

Reden genoeg ook voor ons om op de laatste dag op de bonnefooi langs te gaan bij Bain, maar helaas waren ze al druk aan het werk in de wijngaarden. Jammer, maar voor een goed doel zullen we maar zeggen!

Pouilly-Fumé

Een andere prestigieuze appellation in de regio Centre is Pouilly-Fumé. Dit gebied ligt nét aan de andere kant van de rivier de Loire. Ook deze wijn wordt gemaakt van sauvignon blanc, en van deze wijnen wordt vaak gezegd dat ze een subtiele rokerige toon hebben afkomstig van de Silex grond (vuursteen) waarop de druiven staan aangeplant.

Tijdens ons bezoek aan Roger Neveu in Sancerre (wijnmakers bezitten doorgaans wijngaarden in zowel Sancerre als Pouilly-Fumé) zijn we helemaal verliefd geworden op hun Pouilly-Fumé. Sur-lie gerijpt op stalen vaten, met frisse aroma’s van citrusfruit en subtiele gisttonen. Een speciale wijn met de letter R van Roger op het etiket, ter nagedachtenis aan vader en grootvader die altijd al een wijn uit de naburige appellatie had willen maken.

Dit smaakte naar meer. In het dorpje Pouilly-sur-Loire bezochten we Domaine Masson-Blondelet. Wij namen hier de laatste magnumfles Pouilly-Fumé Cullus 2018 mee naar huis. We hebben er een neusje voor, want deze wijn is wederom een eerbetoon aan grootvader. Deze wijn is gemaakt van druiven van hun oudste wijnstokken (50-60 jaar) die aangeplant staan op een kalksteenbodem, en gevinifieerd worden in nieuwe eikenhouten vaten.

Daarna reden we door naar Domaine de Bel Air. Naast Pouilly-Fumé, maken ze hier ook wijn van de chasselas druif. Dit levert iets lichtere wijnen op dan de Pouilly-Fumé (sauvignon blanc), en erg fris! Prima wijn voor bij de lunch, zeggen ze in Frankrijk.

Chavignol

“What grows together, goes together”, en dat geldt ook voor deze regio. Het dorpje Chavignol staat bekend om de Grottin de Chavignol. Dit is een Franse geitenkaas, waarvan de geitenmelk enkel en alleen uit de omgeving van Chavignol komt en tot kaas gemaakt wordt volgens traditionele wijze. Strenge eisen dus. Het kaasje heeft dan ook een AOC (Appellation d’Origine Controlée) keurmerk, die we ook van de wijn kennen.

De ontwikkeling van Grottin de Chavignol is nauw verbonden met de wijnbouw. Doordat eind 19e eeuw de wijnbouw was aangetast door de druifluis (phylloxera) en het veld moest ruimen, kwam er extra land vrij die ingezet kon worden voor geitenhouderij.

Wij proefden bij Fromagerie Dubois Boulay verschillende Grottin de Chavignol, in oplopende graad van rijping. Van de ‘mie sec’, een hele zachte en frisse geitenkaas, naar de gerijpte ‘plus âgé’ waarbij je al schimmel ziet verschijnen op de korst, een ‘bleu’ met zelfs al smaken van champignon, en de ‘sec’ welke aroma’s van noten heeft. Krijg je ze niet allemaal op? Geen probleem, want ze blijven heel lang goed en je kan ze dus gewoon mee naar huis nemen. Plus, ze stinken niet echt wat weer een verademing is voor de terugweg in de auto.

Voor de lunch schoven we aan bij restaurant La Cote des Monts Damnés. Op de kaart hadden we namelijk gezien dat ze een tagliatelle met crottin de chavignol serveren en dát moesten we geproefd hebben! Het was echt hemel op een bordje, simpelweg geweldig! En helemaal samen met de witte Grande Réserve Sancerre van Domaine Bourgeois (overigens ook de eigenaren van dit hotel-restaurant), de droomcombinatie waar Sancerre om bekend staat.

Zoals wij deze wijntrip ons wel vaker lieten inspireren door de wijnen die geserveerd werden in de restaurants waar we aten, besloten we ook na dit feestmaal linea recta een bezoek te brengen aan wijnhuis Henri Bourgeois dat even verderop in de straat zit, waar we een uitgebreide proeverij deden van hun waanzinnige assortiment.

Elk lid van de familie Bourgeois zet zijn kennis en expertise in voor het wijnhuis. Er staat een ontzettend enthousiast team voor je klaar om je door een fantastische wijnproeverij te loodsen. Na even gecheckt te hebben, bleken de ontzettend leuke amforakruiken op tafel inderdaad de spuugbakken te zijn, en konden we met een gerust hart de proeverij starten.

Wij waren erg fan van de ‘Sancerre Blanc La Côte des Monts Damnés’ , gemaakt van enkel de allerrijpste druiven welke met de hand worden geplukt en 9-12 maanden op fijne gistcellen rijpt in rvs tanks voordat de wijn gebotteld wordt. Ook namen we de ‘Sancerre d’Antan’ mee naar huis, welke een eerbetoon is aan – dit keer niet oma of grootvader – oude wijnmaakmethodes zonder klaring en filtering.

Ook namen we een rode Sancerre wijn mee naar huis, namelijk ‘Le Graveron’. Deze Bourgogne-stijl pinot noir komt van één wijngaard op de top van de Côte des Monts Damnés en heeft hints van chocolade!

“Houden jullie van dessertwijn?” werd ons gevraagd aan het eind van de proeverij. Na een volmondig ‘ja’, werden we verrast met iets heel speciaals. Als de weersomstandigheden het toelaten, laten ze een deel van de sauvignon blanc druiven op een specifieke wijngaard hangen om nog verder te laten rijpen en te laten aantasten door edele rot. De verschrompelde druiven worden vervolgens voorzichtig met de hand geoogst, gefermenteerd in eikenhouten vaten en daarin 15 maanden gerijpt voordat de wijn gebotteld wordt. Het resultaat is een zijdezachte goudkleurige zoete wijn, genaamd d’hOrées, welke met de jaren nog beter wordt!

Sinds 2000 is de familie een wijnhuis gestart in Marlborough, Nieuw-Zeeland. In hun 12 jarige zoektocht naar internationale mogelijkheden, stuitten ze uiteindelijk op de Wairau vallei welke een tweetal bodems heeft die sterke gelijkenissen toont met die in de Sancerre. Onder de naam ‘Clos Henri’ worden hier wijnen in Sancerre-stijl gemaakt.

Wij proefden de ‘Waimaunga’ sauvignon blanc, een hele mooie ronde, rijpe sauvignon blanc welke gedeeltelijk ‘wild gefermenteerd’ wordt in eikenhouten vaten en daarna een aantal maanden rijpt op zijn fijne lie. Normaal gesproken zijn wij niet zo’n fan van de uitgesproken, uit je glas stuivende, sauvignon blanc wijnen uit Marlborough maar na het proeven van deze wijn vinden wij het nu al een succesvol project!

Accomodatie

Wij verbleven in Sancerre in hotel Panoramique, waar je vanuit je kamer (mits je de juiste kamer boekt) waanzinnig uitzicht hebt op de wijngaarden. In de verte zie je het dorpje Chavignol en wijngaarden Les Monts Damnés.

In het hotel bevindt zich ook een wijnbar, met wederom dat waanzinnige uitzicht. Omdat we al uitgebreid geluncht hadden in Chavignol, besloten we de laatste avond lekker in het hotel te borrelen met een hapje. Op de wijnkaart staat alles lekkers wat de regio te bieden heeft.

Wij vonden een Orange Wine, gemaakt van chenin blanc van Domaine des Grandes Espérances op de wijnkaart, en besloten deze uiteraard uit te proberen. Deze ging ontzettend lekker met de Terrine Canard á l’orange en de paté die we erbij bestelden. Wat een afsluiter van een onwijs gave wijntrip!

Wil je meer weten over onze wijntrip naar de Loire? Of ben je vooral benieuwd naar dat hysterische toilet? Kijk dan op onze instagram pagina bij het hoogtepunt Loire!